|
Gläss CD Sound Improver |
06-07-2006 |
|
|
Tekst
en fotografie: Jan
de Jeu Al
sinds de introductie van de CD staat de geluidskwaliteit van dit
medium ter discussie en al jarenlang wordt er geprobeerd om door
middel van de meest uiteenlopende ingrepen de klank van het
zilveren schijfje op het niveau te brengen dat ontwikkelaar
Philips mogelijk voor ogen stond toen het bedrijf de slogan
‘perfect sound forever’ bedacht. Wie kent niet de
diverse – al dan niet licht absorberende – matten,
rubber ringetjes van Navcon, stickers en groene dan wel zwarte
stiften die in de loop der tijd hun weg naar de consument gevonden
hebben.
Voor
zover ik mij kan herinneren was het 2002, ik was eerlijk gezegd
meer geïnteresseerd in de LP’s van Blue Danube die in
dezelfde ruimte te koop aangeboden werden – tenslotte hoef
je die alleen maar te wassen om ze optimaal te laten klinken - en
de producten van Gläss ontsnapten dan ook al snel aan mijn
aandacht. In de jaren daarna las ik echter regelmatig over beide
apparaten en zonder uitzondering waren deze berichten, die met
name over de ‘schaver’ handelden, positief van toon.
Toen er vervolgens een aantal fraaie (SA)CD spelers op de markt
gebracht werden en ik uiteindelijk steeds vaker naast LP’s
ook (SA)CD’s ging draaien, besloot ik om contact op te nemen
met Reiner Gläss en hem te vragen mij rechtstreeks een
‘testgerät’ toe te zenden omdat er in Nederland
voor zijn producten nog steeds geen importeur bleek te zijn. Pas
tegen het einde van mijn testperiode werd bekend dat De Groef
Audio het importeurschap voor de Benelux op zich zou nemen.
Wanneer het apparaat arriveert – ingepakt op een wijze die weerstand kan bieden aan alle mishandelingen die de gezamenlijke pakketdiensten maar kunnen verzinnen om op een audio accessoire los te laten – en ik na veel moeite de diverse lagen verpakking & dempingmateriaal verwijderd heb – Deutsche Gründlichkeit - komt er uit de doos een apparaat met een bouwkwaliteit dat het predikaat ‘hergestellt in Baden-Württemberg’ – het ‘zu Hause’ van industriële giganten als Bosch en Daimler-Benz - zonder meer waard is. Een – naar ik aanneem – kast van MDF, gespoten in een grijswitte reliëflaag, omhult een motor met een metalen bovenplaat waarop een door een rubber snaar aangedreven metalen draaiplateau te zien is. Deze schijf is bekleed met een rubber laag waarop de CD, met het label naar beneden, geplaatst kan worden. Daar bovenop komt opnieuw een met rubber beplakte metalen schijf en een stevige metalen moer die de CD onbeweeglijk fixeert. Aan de voorkant, voor een deel buiten de kast stekend, een hendel die op slechts één manier bewogen kan worden tot aan een bepaald punt alvorens terug te veren. Aan de kop daarvan een schaaf met een tungsten blad dat door de fabrikant ingesteld is.
Het blad kan de randen van honderden CD’s onder een hoek van 36 graden afschaven alvorens bij Gläss een vervanger besteld moet worden. Hoe het vervangen dient te geschieden staat in de beknopte maar duidelijke handleiding – in Duits en Engels – beschreven. Aan de voorkant een knop waarmee enerzijds het apparaat ingeschakeld wordt en anderzijds de snelheid van het plateau geregeld wordt tot aan een maximum aantal omwentelingen van, volgens Herr Gläss, 9000 per minuut. Een aan de voorkant, in verband met de uitstekende hendel, open plexiglazen deksel bekroont het geheel. Aan de achterzijde een IEC connector voor het bijgeleverde netsnoer – de echte diehard zou zelfs een designer powercord in kunnen zetten – en een met een zachte rubberen ring uitgeruste opening waar het mondstuk van een stofzuigerslang op aangesloten kan worden. Meegeleverd worden een extra aandrijfsnaar, een platte kwast waarmee het plateau na gebruik van overtollige plastic krullen en slierten ontdaan kan worden, een zwarte Edding viltstift waarmee de binnenrand en de na schaving overblijvende 0,2 mm dikke buitenrand zwart gemaakt moeten worden alsmede twee blanco schijfjes waarmee de koper de handeling kan oefenen alvorens hij zijn eigen kostbare schijfjes aan de schaaf blootstelt. |
||
|
Gläss CD Sound Improver |
06-07-2006 |
|
|
Auteur:
Jan de Jeu De eerste keer dat ik das Gerät gebruik doe ik dat met één van de bijgeleverde oefen Cd-tjes. Tijdens het met de rechterhand vastdraaien van de moer kan ik voldoende kracht zetten door vingers van mijn linkerhand in de drie gaten te steken die in het bovenliggende metalen plaatje zitten dat bedoeld is om de CD op het draaiplateau te drukken. Ik zet het apparaat aan door de knop om te draaien en terwijl ik geleidelijk de snelheid opvoer druk ik tegelijkertijd de hefboom langzaam aan. De afgeschaafde kunststof krullen vliegen rond in de behuizing en al snel wordt het een rommeltje in het apparaat. Wanneer ik even later de schijf uitneem en met mijn vingers langs de schaafsnede ga trek ik er nog flinterdunne stukjes materiaal af. Bij het tweede oefen CDtje sluit ik eerst mijn Miele stofzuiger aan.
Het mondstuk van de slang wordt perfect omsloten door de rubberring van de CD Sound Improver en voordat ik begin met schaven schakel ik eerst de stofzuigermotor in. Wanneer ik vervolgens start met de schavende behandeling van de CD vliegen de stukjes materiaal rechtstreeks de zuigmond in en blijft de behuizing vrijwel helemaal schoon. Pas na opening van het deksel en na nauwkeurige inspectie blijkt hier en daar nog wat achtergebleven te zijn. Met de platte kwast is dit eenvoudig alsnog te verwijderen. Omdat ik op het geschaafde deel nog een lichte oneffenheid bespeur verwijder ik die vervolgens met zeer fijn schuurpapier. Ook bij de volgende schijven maak ik er een gewoonte van om de rand te controleren en waar nodig licht na te schuren. Dan komt het grote moment. Hoewel er op het eerste gezicht geen nadelen aan het schaven verbonden zijn – volgens de fabrikant wordt de gevoelige coating die de CD beschermt door de ‘beschrägung’ niet aangetast - merk ik dat ik toch enigszins huiverig ten opzichte van deze rigoureuze, want onomkeerbare, ingreep sta. Gelukkig zijn er genoeg CD’s in mijn bezit die ik in de praktijk eigenlijk nog nauwelijks beluister en waar dus maar weinig aan verloren is in geval er werkelijk iets mis zou gaan. De eerste CD die ik behandel is een gekregen exemplaar - inderdaad; een gegeven paard… - afkomstig uit 1986 en bevat de soundtrack van de film ‘Top Gun’. Het enige nummer dat ik er nog wel eens van draai is ‘Take My Breath Away’ maar ook dat is al even geleden omdat de vrouwenstem op iedere installatie zo scherp klinkt dat het lijkt alsof er met een Gläss - Entschuldigung - glassnijder gewerkt wordt. Voor ik de schijf behandel beluister ik het nummer enkele malen achter elkaar en telkens erger ik me aan het excessief penetrerende karakter van de vrouwenstem. Dan plaats ik de CBS schijf tussen de beide metalen platen, schakel ik de Miele in en start ik de schaafprocedure. Plastic wordt afgezogen en uiteindelijk verlos ik de schijf uit zijn benarde positie waarna ik voorzichtig de rand met fijn schuurpapier toucheer. Ik wrijf eventueel overgebleven plasticstof weg en laat daarna de schijf op de meest langzame snelheid draaien teneinde de nog resterende 0,2 mm dikke buitenrand zwart te maken met de Edding stift. Na enige droogtijd in acht genomen te hebben stift ik ook de binnenrand van de schijf. Nog weer enkele minuten later zit ik in mijn luisterkamer tegenover mijn referentieset en selecteer ik nummer vijf van de ´Top Gun´ soundtrack. Ongelooflijk. Dat is het enige wat ik me kan bedenken. De stem is menselijker geworden en het uiterst irritante glassnijdende randje is verdwenen. De focussering is duidelijk verbeterd. Verder lijkt het of er meer ruimte en rust gekomen is in de tot op dat moment altijd verdicht klinkende soundstage.
Als
tweede proef pak ik een CD-R van de CD ´Into The Labyrinth´
van Dead Can Dance. De reden dat ik niet meteen het origineel
aanpak ligt in de achterliggende vraag of de bewerking van een
CD-R een ander resultaat laat horen dan die van een CD. Na het
schaven en het ´zwarten´ klinken met name de
percussie-instrumenten als maracas en shaker hoorbaar beter
waarbij de korreltjes in de maracas gewonnen hebben aan soliditeit
en individueler te onderscheiden zijn. Een recente CD van
saxofonist Tom Beek, ‘White & Blue’ moet er
eveneens aan geloven en na de scalpeer annex verfbehandeling is er
direct in het eerste nummer al meer ruimte tussen de stem van Wies
Ingwersen en de gitaar van Martijn van Iterson die tot voor kort
moeizamer van elkaar te onderscheiden waren. Na enkele CD’s
vormt zich de hypothese dat de klankverbetering niet uitsluitend
te maken heeft met het vangen c.q. absorberen van strooilicht. Bij
het draaien in de Sound Improver is bij sommige CD’s
duidelijk te zien dat ze niet volledig rond zijn waarbij een
enkeling wel erg veel overtollige kunststof buiten de cirkel uit
laat puilen. Het meeste materiaal wordt verwijderd bij Toto’s
‘The Seventh One’ en de verbeteringen zijn bij deze
schijf ook daadwerkelijk het grootst. Stemmen knappen op maar ook
het gitaarwerk krijgt een sprankelend karakter, is beter
gedefinieerd en, zoals bij meerdere zilverlingen na de behandeling
opvalt; de bas is strakker. Prijs: |
||